Bepalingen over de erfopvolging en huwelijk zijn opgenomen in hoofdstuk 2 van de Grondwet. De rol van de Koning in de koning bet regering is beschreven in artikel 2 van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden. Op de titels Koning der Nederlanden en Prins van Oranje-Nassau na voert men in het normale gebruik deze zogenoemde “grote titulatuur” niet, ze worden in de preambule vervangen door “enz. enz. enz.”. De koning voert tevens een aantal erfelijke adellijke en heerlijke titels. In de Nederlandse Grondwet wordt het staatshoofd kortweg aangeduid met Koning. Zijne Majesteit de Koning zal woensdagochtend 25 februari op Paleis Noordeinde in Den Haag ter overhandiging van hun …
- Hoewel koning Willem II als kroonprins zelf minister was geweest, hield hij zijn eigen oudste zoon buiten de besluitvorming.
- KEIZER van het prachtig rijk van INSULINDE, dat zich daar slingert om den evenaar, als een gordel van smaragd!
- In de grondwet is ook opgenomen dat de koning wordt ingehuldigd.
- Het staatshoofd heeft daarom binnen de kroon de plicht zijn handelen af te stemmen met de ministers.
- Dit regentschap duurde slechts enkele dagen, want op 23 november 1890 overleed de vorst, 73 jaar oud.
Positie en rol van het staatshoofd
Dit geldt voor de koningen Juan Carlos, koning Albert en koning Simeon. Momenteel zijn er wereldwijd meer koningen dan koninkrijken. Bij de Germanen waren dit bijvoorbeeld voornamelijk ‘vegetatiekoningen’, die de vruchtbaarheid van het gewas en de overwinning in de strijd moesten garanderen. Historisch werd bij sommige stammen en volken de titel van koning gegeven aan de hoogste gezagsdrager. Met deze titel wordt het (mannelijk) staatshoofd van een koninkrijk aangeduid.
Titels
In zijn studententijd kreeg hij van de Nederlandse media de bijnaam ‘Prins Pils’, wegens het enthousiasme waarmee hij zich in het studentenleven stortte, dat bekendstaat om overvloedig drankgebruik. Daarna studeerde hij vanaf augustus 1987 geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Leiden, waar ook zijn moeder en zijn grootmoeder hadden gestudeerd. In 1981 verhuisde het gezin naar Paleis Huis ten Bosch in Den Haag.
Hare Majesteit Koningin Máxima brengt woensdag 11 maart een werkbezoek aan Stichting Anne-Bo, bij LAB111 in Amsterdam. Het verlies van het lidmaatschap van het Koninklijk Huis betekent niet dat deze personen geen lid meer zijn van de koninklijke familie. Personen die het recht op erfopvolging en/of het lidmaatschap van het Koninklijk Huis hebben verloren doordat ze niet de vereiste graad van bloedverwantschap met de Koning bezitten, kunnen beide terugkrijgen indien erfopvolging ze terugbrengt binnen de vereiste graden van bloedverwantschap ten opzichte van de nieuwe Koning. Indien een lid van het Koninklijk Huis een huwelijk aangaat zonder bij wet verleende toestemming, verliest hij of zij daarmee het recht tot erfopvolging en daardoor tevens het lidmaatschap van het Koninklijk Huis. In voorkomende gevallen kan bij koninklijk besluit beslist worden over het behoud van de titel Prins van Oranje-Nassau als persoonlijke titel voor hen die het lidmaatschap hebben verloren.
Maatschappelijke functies als kroonprins
Oorspronkelijk voerden de koningen als kroon op hun helmen een gouden band die van boven met bladvormige opstandingen versierd was. Zo werden de koningen van Frankrijk aanvankelijk gekozen. Ik heb hem nooit gevleid bij zijn leven en denk het niet te doen na zijnen dood. Wel weten wij het allen, hoe opbruisend en hartstochtelijk het karakter was van den Ontslapene, en hoe hij, in alles oprecht, als mens vaak het zelfbedwang miste, dat hem sierde als Koning. De dragers lieten de lijkkist uit hun handen glijden en bij het binnendragen in de kerk zou de doodskist “als een piano versjouwd” zijn. De bijzetting in de koninklijke grafkelder op 4 december 1890 in Delft was erg ongeorganiseerd; zo stortte een tribune in en waren er te weinig koetsen en parkeerplaatsen, waardoor velen te laat waren in de Nieuwe Kerk.
De Grondwet bepaalt dat de Koning ministers en staatssecretarissen benoemt en ontslaat en dat zij ten overstaan van het staatshoofd worden beëdigd. Daar waar het lidmaatschap van het Koninklijk Huis vooral wordt bepaald door aangelegenheden rondom het staatsrecht, wordt zoals bij elke familie in Nederland door het personen- en familierecht bepaald wie lid is van de koninklijke familie. Gravin Eloise, graaf Claus-Casimir en gravin Leonore verloren op dat moment eveneens hun lidmaatschap van het Koninklijk Huis (de Wet lidmaatschap Koninklijk Huis vereist hiervoor een bloedverwantschap met de koning in maximaal de tweede graad), maar behielden hun recht op erfopvolging.
In 1856 werd Willem benaderd door zijn hoffunctionaris en vroegere secretaris jonkheer Ludolph van Bronkhorst of de koning hem en zijn zwager, de voormalige resident J.G.A. Gallois, kon helpen om op Java een suikercontract te verwerven. De eerste twintig jaar van zijn regering kenmerkten zich door weerstand tegen de constitutionele monarchie, waarbij de koning zich overigens meestal conformeerde. Deze had bij het huwelijk als getuige op moeten treden, maar moest wegens een aanval van mazelen verstek laten gaan.
Wanneer de lucifer brandde talmde de koning zo lang dat de lakei, om brandblaren te voorkomen, de lucifer moest doven. Zo liet hij lakeien een lucifer afsteken om de koninklijke sigaar aan te steken. Toen hij voor dit vergrijp voor de rechtbank gedaagd werd, beriep hij zich op zijn onschendbaarheid als koning. Hij maakte er tevens een gewoonte van in adamskostuum in het meer te zwemmen, waarbij hij aan wal eveneens door de bootpassagiers naakt gadeslagen kon worden. De koning werd er bij herhaling op zijn balkon waargenomen in een opengevallen ruiterjas, zonder daaronder kleding te dragen, dit in het zicht van de passagiers op de stoomboten. De Pruisische troepen werden dan ook teruggetrokken uit de vesting en de burcht van Luxemburg werd afgebroken.
In een brief aan haar schoonvader, geschreven in de nazomer of herfst van dat jaar, hield ze hem voor dat ze door haar echtgenoot bedreigd en mishandeld werd. Hij liet zich alsnog overreden het koningschap te aanvaarden. Hij vernam pas van het overlijden van zijn vader, toen die al een dag dood was. Zijn vader trachtte hem van zijn ongelijk te overtuigen, onder meer door hem erop te wijzen dat het koningschap een “goddelijke roeping” is, die hij niet kon weigeren. Hij gaf als kroonprins aan de nieuwe grondwet van 1848 niet te accepteren.